Categorie archief: lesgeven

Denkfouten en foutieve argumenten.

De afbeelding laat de belangrijkste veelgebruikte logische fouten zien. Het is een van de belangrijkste onderwerpen in welke studie dan ook. (open de afbeelding om de tekst te lezen en te kopieren)

zie anchoring effect / referentie effect https://nl.wikipedia.org/wiki/Referentie-effect

 

zie ook:  http://www.kritischdenken.info/drogreden/

Mediawijsheid en argumenteren, denken en redeneren niemand kan zonder.

zie ook https://nl.wikipedia.org/wiki/Drogreden

Inspelen op onverwachte weerstand

weerstandWat doe je als je in een les of diskussie weerstand ervaart? (Weerstand ontstaat als de kosten van verandering te groot zijn)
1. De natuurlijke neiging van veel mensen is om direct te reageren.
Neem een ​​moment om te pauzeren en de situatie beoordelen. Denk na en zeg dat je even wilt nadenken.
2. Luister niet alleen om wat ze zeggen , maar ook hoe ze het zeggen. Luister naar de boodschap tussen de regels. Luister naar angsten, verwachtingen en ambities. Hoor de spanningen en emoties.
Stel een vraag om verduidelijking indien nodig.
3. Toon empathie. Laat zien dat u probeert te begrijpen en respect hebt voor hun recht op een eerlijke mening te geven. Maak er geen gevecht van.
4. Reageer op een manier die de ander een waardige uitweg biedt. Zoeken naar win-win-uitkomst.

Een prima manier om weerstand te helpen overwinnen is samenwerken. Help de ander bij het bereiken van zijn doelen in zoverre als die doelen in de richting komen van uw doelen. Samenwerken is een uitstekende manier om mensen te helpen die problemen hebben zich aan te passen aan de situatie. (Moeder stelt voor om te helpen met huiswerk)
Een andere manier is uitleggen wat de bedoeling is en om duidelijk te maken dat veranderen nu wel inspanning kost, maar dat het veel gaat opleveren.

Heb je wel eens iets uit een boek geleerd?

teachersmileZonder af te doen aan het werk van leraren, de vraag in de titel komt neer op de vraag of er altijd een leraar nodig is om iets te leren. . In http://www.hybridpedagogy.com/Journal/files/Pedagogies_of_Scale.html relativeren Sean Michael Morris en Jesse Stommel het belang van de leraar. Zij noemen leren het product van relaties. Maar dat hoeft geen relatie met een leraar te zijn.
Martin Koops wijst er in http://ictnieuws.nl/index.php?ID=3453 juist op dat de computer de leraar niet kan vervangen. Hij wijst op het artikel over het boek van de Besturenraad ‘De computer vervangt niet de leerkracht’.

Ik leer dingen uit boeken, en ook uit teksten die ik met de computer lees. Die boeken en teksten zijn me niet door een leraar gegeven. Of moeten we alle mensen waar je iets van leert leraar noemen?

Ik begon met het voorbehoud dat ik niets wil afdoen aan het werk van leraren. Een leraar kan veel betekenen voor een leerling. Maar klaarblijkelijk kunnen anderen dat ook.
In de MOOCs die ik gedaan heb waren de medestudenten net zo goed mijn leraren als de organisatoren en de ‘echte’ docenten.
Het verschil tussen Leraren en anderen is dat de leraren er hun beroep van gemaakt hebben om anderen te assisteren en te beinvloeden bij het leren en anderen niet altijd. Er zijn veel meer beroepsbeoefenaars die mensen iets willen leren.

(image http://teacherboosts.com/)

Het standaardmodel onderwijs, instructie en toetsen en testen.

trechterHet standaardmodel is al eeuwenoud en berust op enkele duidelijke uitgangspunten:
1. Kennis is een verzameling feiten over hoe de wereld in elkaar zit en over procedures of manieren om problemen op te lossen. Feiten zijn utispraken zoals “Amsterdam ligt in Noordholland” en een procedure bijvoorbeeld een stap voor stap instructie hoe je een bougie verwisselt in een benzinemotor.
2. Het doel van de school is om deze feiten en procedures in het hoofd van de leerling te krijgen. Mensen zijn geschoold als ze veel feiten en procedures kennen.
3. Leraren kennen deze feiten en procedures en hun taak is leerlingen die feiten en procedures bij te brengen.
4. Je moet eerst eenvoudige feiten en procedures leren, en daarna de meer ingewikkelde. Wat eenvoudig is en wat ingewikkeld wordt uitgemaakt door leraren en andere experts, en niet door te onderzoeken hoe kinderen leren.
5. Toetsen en testen is de enige manier om vast te stellen hoeveel de leerlingen hebben opgenomen van het onderwijs.

In het moderne onderwijs zou het moeten gaan om:
Het belang van het begrijpen van de concepten die fundamenteel zijn voor de feiten en procedures.
De kunst om kennis ‘improviserenderwijs’ toe te passen in andere omstandigheden.
De kunst van de metacognitie, het nadenken over je denken.
Het overzicht over een probleem krijgen en het kunnen analyseren.
Hogere denkvaardigheden gebaseerd op wetenschappelijke inzichten over het denken En niet die intuïtieve maar onjuiste inzichten zoals die over leerstijlen.
De focus moet eerder liggen op leren dan op onderwijzen.

Het is zeer de vraag of multiple choice toetsen en proefwerken wel bevorderlijk zijn voor het bereiken van deze moderne onderwijsdoelen. Kun je met MC-vragen en schriftelijke proefwerken nagaan of iemand ook begrijpt en metacognitief actief is?

(zie: http://www.oecd.org/edu/ceri/40805146.pdf)

Multiple Choice

Multiple-choice toetsen zijn niet bevorderlijk voor de kwaliteit van het leren. Ze veroorzaken de slechte gewoonte van leren en lesgeven voor de test en negeren van onderwerpen die niet worden getest. Ironisch genoeg was Everett Franklin Lindquist, de schepper van gestandaardiseerde tests, voorstander om niet voor de test te leren en les te geven. Hij schreef dat “onnodige nadruk op gemiddelde testresultaten, en vergelijkingen tussen scholen en docenten … kan de leraar leiden … om de belangen van de leerlingen verwaarlozen, en in plaats daarvan moeten bezighouden met een hogere gemiddelde scores voor hun eigen bestwil. ” Hij had absoluut gelijk! Onderwijzen om te testen werd de realiteit. Voor veel docenten en instructeurs, is de multiple-choice test tegenstrijdig met betekenisvol onderwijs. Deze tests zijn nooit ontworpen om het leren te verbeteren.

bron: http://www.edutopia.org/blog/dark-history-of-multiple-choice-ainissa-ramirez

Content curation. Materiaal bijeenbrengen

scoopitMateriaal verzamelen en je verzameling publiceren is voor onderwijs heel nuttig. Je zoekt materiaal, groepeert het en organiseert het. Je zoekt het beste en meest relevante materiaal voor je onderwerp bij elkaar.

  1. Verzamel materiaal en zet het bij elkaar op één plek.
  2. Kies de belangrijkste materialen uit
  3. Verdeel het materiaal in groepen.
  4. Schrijf verbindende teksten.
  5. Breng een logische lijn aan in de verzameling.

Meer over deze manier van materiaal verzamelen op http://www.scoop.it/t/curatetheweb (Engels)
Er zijn twee websites die je kunnen  helpen bij het verzamelen van materialen  http://paper.li/ en http://www.scoop.it/

Punten bij het ontwikkelen van e-learning materiaal

trechterMaak kleine brokjes informatie, en noem niet meer dan 5 delen om een concept te beschrijven. Zorg dat er hooguit een minuut nodig is om de informatie te presenteren.
Leg de betekenis en zin uit van wat er geleerd moet worden.
Breid de beschrijving uit maar doe dat met kleine brokjes informatie.
Voeg een emotionele prikkel toe om het onthouden te stimuleren.
Geef de informatie een ordening.
Ontwerp voor een verscheidenheid aan leerlingen met verschillende voorkennis en verschillend leervermogen.
Zorg voor opdrachten die enige inspanning vragen van de leerling.
Organiseer herhalingen met tussenpozen.
Laat de leerling na enige tijd (drie kwartier) pauzeren en iets heel anders doen.
Motiveer de leerling.
Maak simulaties om brokjes informatie te presenteren.
Zorg dat de leerling reflecteert op het geleerde.
Gebruik sociaal leren en groepsleren als dat mogelijk en nuttig is.
Toets het geleerde regelmatig, de kennis en het begrip.

bron: Guides for e-learning

En als je geen manager wilt zijn?

schemaVoor de goede leraar is er slechts één manier om hogerop te komen, je wordt manager. Als manager ga je allerlei ander dingen doen, je raakt uit je eigen beroep. Lesgeven is er niet meer bij. Zo vertrekken de beste leraren uit het  onderwijs en zo krijgen mensen een baan waar ze niet voor geleerd hebben.
Sommigen willen geen manager worden maar gewoon hun vak blijven uitoefenen. Maar promotie is natuurlijk best fijn. Hoe kun je die zaken combineren, promotie en leraar blijven?
Als je geen manager wilt worden kun je altijd nog salarisverhoging vragen, maar je bent knap als je dat krijgt. Er is een (klein) potje voor excellente leraren, maar dat heeft allerlei bezwaren.
Je zou een ander bedrijf kunnen zoeken, maar als leraar verandert er dan niet zoveel. Je kunt leraar worden aan een andere school, dat is alles.
Na lang studeren kun je promoveren tot universitair docent of je kunt lector worden aan een HBO, maar dat is niet  een gewone trede op de carrièreladder.
Gevraagd worden om manager te worden is strelend voor je zelfbeeld. Want ‘directeur’ klinkt altijd nog beter dan senior-leraar.  Dus manager worden heeft aantrekkelijke kanten.
Wat als je geen manager wilt worden?

Onderwijs op maat en het “nationale leerplan”

Er is een nationaal leerplan ontstaan met doelen en leerlijnen en streefniveaus voor het onderwijs.
Er is een enorme administratie ontstaan om de activiteiten van leraren en leerlingen vast te leggen.
De overheid hecht enorm aan toetsen en testen en aan cijfers tot ver achter de komma.

De andere volstrekt tegengestelde beweging in het onderwijs is die van individuele zorg en leren op maat. In Indruk van Kennisnet (datum onbekend) stond een artikel over Luisteren naar leerlingen om het onderwijs te verbeteren. Dat past goed in onderwijs dat zich richt op individule leerlingen. Want als je naar leerlingen luistert kan je onderwijs zomaar veranderen. Maar luisteren naar leerlingen wordt een farce als het leerplan en de doelen heilig zijn en als de school er alles aan is gelegen om goed te scoren op kwaliteitscijfers en slagingspercentages. Want dan kunnen leerlingen hooguit enkele schoonheidsfoutjes signaleren, maar geen echte vernieuwing veroorzaken.
Natuurlijk moeten scholen en leraren goed luisteren naar leerlingen. De leerling staat immers centraal in goed onderwijs.

Het onderwijs van bovenaf dichtregelen en doelen opleggen en streefcijfers en meetlatten maken het onderwijs niet innovatief en kreatief.

Gedrag of vaardigheid aanleren

oefenenHet aanleren van nieuw gedrag of een nieuwe vaardigheid volgens het oefen-model.

Het gaat zowel over technische vaardigheden zoals zagen of injecteren als over sociaal gedrag en ordelijk gedrag in een klas.
De stappen van het leerproces moeten herhaald worden tot het gedrag beheerst wordt.

Vaststellen van de behoefte.

Praat met leerlingen en (in het geval van gedrag in de klas) met anderen over je observaties.

Laat zien welk gedrag je verwacht

Doe het voor. Laat een video zien. Laat anderen het gedrag voordoen. Laat zien waar het gedrag van de leerling niet voldoet aan je verwachtingen. Benoem de onderdelen van het gedrag. Geef een korte beschrijving als hulpmiddel.

Oefenen

Rollenspel, praktijkopdrachten, herhalen. Gedrag aanleren is werken. Corrigeer waar nodig. Neem een video op om het gedrag te analyseren en te corrigeren. Laat medeleerlingen observeren en feedback geven. Oefen het gedrag in ingewikkelder context.

Versterk het geleerde gedrag

Geef complimenten. Laat zien wat goed gaat. Versterk de vorderingen. Vraag de leerling het eigen gedrag te beoordelen.

[zie: https://www.msu.edu/~dolekath/teaching_social_skills.htm ]