Archive for the ‘digitaal’ Category

Een lijst met basisvaardigheden

  • Computer (of ander apparaat) aan en uitzetten.
  •  Documenten opslaan en openen, bewerken en  verwijderen.
  • werken met muis en toetsenbord.
  •  zorgen voor veiligheid en privacy
  • wachtwoorden samenstellen en gebruiken
  • internetten, browsen, zoeken en vinden, downloaden, uploaden, aan kabel of draadloos
  • inloggen uitloggen
  • internet kopen  en betalen
  • internet bankieren
  • mailen verzenden lezen en ontvangen emailadressen bewaren en herkennen
  • passieve woordenschat over digitale vaardigheden
  • apparaten aansluiten dmv kabels of bluetooth
  • inzicht in bestandsbeheer
  • office pakket gebruiken voor eenvoudige toepassingen, schrijven rekenen, tekstverwerken, spreadsheet,
  • gebruik maken van software (tekenen, rekenen, muziek luisteren, video bekijken.
  • mobiele apparaten gebruiken
  • plaatjes en teksten van internet halen en  opslaan
  • commentaar geven op een weblog
  • sociale media  gebruiken (twitter facebook)
  • rss gebruiken
  • widgets installeren
  • updates maken
  • backup maken
  • externe opslagmedia gebruiken, usb sticks ed.
  • digitale foto’s opladen en bekijken op computer.

 

 

 

3G: de derde generatie mobiele telefonie. 3G biedt de mogelijkheid om zowel spraak (telefoongesprek) en de non-voice data (zoals het downloaden van informatie, het uitwisselen van e-mail en instant messaging) over te dragen.

4G: Vierde generatie mobiele telefoon-technologie. Mobiele draadloze toegang met een zeer hoge data-overdrachtssnelheid, van dezelfde orde van grootte als een LAN-verbinding (10 Mbit / s en hoger).

Asynchroon leren: Leren waarbij de student en docent niet tegelijkertijd online hoeven zijn. Vaak zelfstudie.

Audioblog: Een blog met vooral audio bestanden (muziek of podcasting), soms ook met tekst en sleutelwoorden (tags) voor
zoekmachine-optimalisatie.

Augmented Learning: Augmented leren is een techniek om gegevens toe te voegen aan de omgeving. De leerling krijgt aanvullende informatie aangeboden op basis van de context. De augmented inhoud wordt aangepast aan de natuurlijke omgeving van de leerling door het weergeven van tekst, afbeeldingen, video of zelfs het afspelen van audio (muziek of spraak).

Blended learning: een cursus, die verschillende media combineert. Blended learning verwijst meestal naar een combinatie van klassikale training met individuele e-learning.

Chunking: Het proces van het opknippen van leerstof om begrip en retentie te verbeteren.

Samenwerkend leren: leren door het uitwisselen en delen van informatie en meningen in een groep

Coursecasting: Coursecasting stelt  studenten en het publiek in de gelegenheid audio-en video-opnames van colleges te downloaden en te beluisteren op computers, iPods en andere MP3-spelers.

Courseware: Software specifiek ontworpen voor gebruik in een klaslokaal of andere educatieve instelling, met het educatieve materiaal, educatieve software of
audiovisueel materiaal.

Digital Natives: Een persoon geboren toen digitale technologieën reeds bestond, en die dus (?) zijn opgegroeid met digitale technologie zoals computers, internet, mobiele telefoons en MP3′s.

E-Learning: ruime definitie van het gebied van het gebruik van technologie om leer-en trainingsprogramma’s te leveren. Meestal gebruikt om leren met media
zoals CD-ROM, Internet, Intranet, draadloze en mobiele leren te beschrijven. Sommige hebben Kennismanagement als een vorm van e-learning.

Just In Time: Populaire term voor het  belang van onmiddellijke toegankelijkheid van mobiel leren is.

Learncasting: Online onderwijs of instructies die worden geleverd via een podcast of een syndicatie-feed zoals RSS en Atom.

Learning Content Management System   (LCMS): Een web-based administratie programma dat de creatie, opslag en levering van leerobjecten, evenals het beheer van studenten, roosters, en assessments vergemakkelijkt.

Learning Management System: Een programma dat de administratie van de opleiding beheert. Meestal met functionaliteit voor de cursus catalogus, het lanceren van cursussen, het registreren van studenten, het bijhouden van de studievoortgang en assessments.

Learning Network: Een groep mensen die actief betrokken zijn bij samen leren van elkaar.

m-learning: staat voor mobiel  leren en verwijst naar het gebruik van opleidingsprogramma’s op draadloze apparaten zoals mobiele telefoons, PDA’s, of andere
dergelijke apparaten.

Leraar 2.0 Een leraar die moderne media gebruikt in onderwijs.

Mobiele applicatie: een software applicatie die draait in een handheld-apparaat zoals een smartphone.

Mobile Blogging of Moblogging: Het versturen van tekst, afbeeldingen, audio of video van een mobiele telefoon of ander mobiel apparaat naar een blog of website. De komst van multimedia-sms (MMS) en gsm-camera’s leidde tot moblogging.

Mobile Browser: Een webbrowser is ontworpen voor de kleine schermen van mobiele telefoons. Smartphones met internet hebbern een eigen browser, maar er zijn ook andere browsers beschikbaar.

Mobiel: Remote, draagbaar, on-the-go. Een “mobile” is een mobiele telefoon, maar een “mobiel apparaat” kan op een draagbaar apparaat verwijzen waaronder een PDA, MP3-speler of laptop.

Mobilecasting: De uitzending van podcasts naar een mobiel apparaat. “Mobilecasting” is een algemene verwijzing naar podcasts op een smartphone, terwijl “MMS podcasting” verwijst naar het gebruik van het mobiele messaging-systeem om korte podcasts, meestal van ongeveer een minuut (zie MMS) te leveren. “Palmcasting” verwijst naar Palm-gebaseerde mobiele apparaten zoals de Treo en de Centro smartphones.

Personal Digital Assistant (PDA): Een kleine, handheld computer beperkt in functionaliteit (bijvoorbeeld, agenda, rolodex, to do list). PDA’s zijn uit te breiden met draadloze e-mail en internettoegang z het openen van mogelijkheden voor mobiel leren en ondersteuning

Podcast: Een podcast is een digitale mediabestand (audio of video) en vaak gedownload door middel van web syndicatie. (RSS). Er zijn ook podcasts die periodiek uitkomen.

Smartphone: Elke handheld apparaat met het beheer van persoonlijke gegevens en een mobiele telefoonfunctie. Het belangrijkste kenmerk van een smartphone is dat men extra toepassingen te installeren op het apparaat.

SMS: Short Message Service waarmee berichten van maximaal 160 tekens te worden verzonden tussen de telefoons op elk netwerk

Synchroon leren: een leerprogramma waarin de student en docent deel te nemen op hetzelfde moment. Bijvoorbeeld, een leiding van een instructeur chat-sessie is een vorm van synchrone leren.

Ubiquitous Learning: (of u-leren) is een vorm van eenvoudige mobiel leren, bijv. dat leeromgevingen kunnen worden geopend in verschillende contexten en situaties. Het is een omgeving waarin studenten kunnen volledig opgaan in het leerproces.

Wireless Application Protocol: De technische specificaties die nodig om te communiceren en de inhoud weer te geven op draadloze apparaten, zoals WAP-enabled mobiele telefoons. Relevant voor m-learning

 

Let op de regels als je sociale media gebruikt. Je hebt ze allemaal wel eens gehoord, pas ze ook toe als je sociale media gebruikt. Tien regels van oma:

  1. Denk aan je manieren. Gedraag je. Denk niet dat je aardige vrienden zult krijgen door je als een vlerk te gedragen.
  2. Met twee woorden spreken. Behandel anderen met respect. Anderen waarderen dat en het gaat om waardering, ook bij sociale media.
  3. Zet je radio niet te hard, maak geen herrie. Er is al lawaai genoeg. Laat je persoonlijke voorkeuren niet de boventoon voeren.
  4. Maak je werk af. Als je bij een groep wilt horen moet je er ook tijd en aandacht aan besteden.
  5. Eet je bord leeg. Er zijn altijd vervelende dingen die je moet doen omdat ze goed zijn voor je. Zorg dat je op de hoogte blijft, de regels kent, de techniek snapt. Niet alleen de lekkerste hapjes.
  6. Vergeet de oude vrienden niet. E-mail en telefoon en SMS zijn nog heel goed te gebruiken, je kunt mensen zelfs heel goed persoonlijk ontmoeten voor een praatje.
  7. Een man een man, een woord een woord. In sociale media is vertrouwen heel belangrijk, dus doe gewoon wat je belooft.
  8. Denk goed na voor je iets zegt. Je kunt alles zeggen, maar je kunt het nooit meer deleten. Denk er aan dat iedereen alles altijd kan lezen en horen van je.
  9. Kam je haar. Het is in de virtuele wereld ook belangrijk hoe je overkomt. Denk aan je houding.
  10. Zeg netjes “dank je wel”. Mensen vinden het fijn om gewaardeerd te worden. Om aardig gevonden te worden moet je gewoon aardig zijn.

bron: http://socialmediatoday.com/index.php?q=SMC/191214

“Is wat je van plan bent te publiceren beledigend of schokkende of onaangenaam voor je

  • klasgenoten
  • leraar
  • vrienden
  • levenspartner (nu of in de toekomst)
  • familie
  • ouders
  • werkgevers (nu of in de toekomst)
  • klanten  (nu of in de toekomst)
  • zakenpartners  (nu of in de toekomst)

zodat je relatie met hen in gevaar komt? Als je antwoord “ja” is op een van deze vragen, denk dan goed na over wat je gaat publiceren.

bron: Mike Brown that was shared on the Nate Briggs Social Business Strategies blog and tweaked by Lisa Nielsen [The Innovative Educator]

 

 

met audioboo opgenomen en gepubliceerd: http://audioboo.fm/boos/316127-wat-ga-jij-doen-met-audioboo

Tagging is om dingen terug te vinden en daarom werk als ik uitvoerig met tags. (vooral bij Delicious en andere bookmark websites)

Ik probeer me aan deze regels te houden bij het taggen:
- Naam van het type bron (video, blog, artikel, over het artikel, over de blog)
- Naam van de auteur (indien bekend en belangrijk)
- Naam van de organisatie (indien bekend en belangrijk) Continue reading ‘Tags maken en beheren’ »

ICT scholing voor leraren is niet:

  • leren de computer te bedienen
  • leren  tekstverwerken
  • leren emailen en zoeken op internet.

Dat zijn algemene vaardigheden die bij elke HBO-opgeleide (en natuurlijk ook anderen) bekend verondersteld worden.

Het is wel:

  • didactische toepassingen van ict leren inzetten
  • leren hoe leerlingen met ict te laten werken
  • oefenen met didactische werkvormen waarbij ict een rol speelt
  • kennis maken met mogelijkheden die ict biedt door er mee te werken.
  • het geleerde toepassen in de les en daarbij begeleid worden.
  • leren samenwerken met ict toepassingen